Samenwerken aan goed onderwijs
Bij Concreet Onderwijsproducten draait het niet alleen om wat we maken, maar ook om hoe we dat doen. Achter elk examen zit een zorgvuldig proces waarin vakmanschap, samenwerking en enthousiasme samenkomen.
Ontwikkelspecialist Hubert Lamers neemt ons mee in hoe een examen tot stand komt – en hoe we samen met het werkveld en het onderwijs blijven bouwen aan kwaliteit.
Elk jaar evalueert Concreet Onderwijsproducten of er examens geactualiseerd moeten worden. Hubert licht toe: “Dat kan door een nieuw kwalificatiedossier, maar ook door ontwikkelingen in het vak of signalen uit het werkveld.”
Hubert houdt binnen Concreet toezicht op de inhoud en actualiteit van een deel van het examenaanbod. Samen met relatiemanagers brengt hij in kaart wat er leeft en waar behoefte aan is.
Op basis daarvan wordt een meerjarenplan opgesteld. “Het kwalificatiedossier is altijd leidend,” benadrukt Hubert. “Om te bepalen welke examens en leermiddelen nodig zijn, organiseren we werkveldsessies. Hierin bespreken we met een gemixte groep van onderwijsprofessionals en mensen uit de praktijk wat er in de opleiding moet terugkomen. Wat is realistisch? Waar ligt de focus? Wat vraagt het werkveld? Bij zo’n sessie kijken we naar het geheel – niet alleen naar inhoud, maar ook naar haalbaarheid en relevantie.”
Blauwdruk: de structuur van examens
Zijn er aanpassingen nodig in het examenaanbod? Dan komt de examenaanbodcommissie bijeen. Dit is een verplicht onderdeel in het proces. Hier wordt de structuur bepaald: hoe worden de werkprocessen uit het kwalificatiedossier geborgd, welk type vragen komen erin, hoeveel praktijkexamens zijn nodig en hoelang mag een praktijkexamen duren.
“Het is fantastisch om met verschillende mensen tot één krachtig product te komen. Ik omschrijf mezelf weleens als een creatieve bemiddelaar”
Iedereen denkt mee
De samenstelling van een werkveldsessie hangt af van de opleiding. “Bij een grote opleiding als (Allround) Timmerman zijn veel scholen betrokken. Bij een kleine opleiding zoals Dakdekker riet is dat er maar één,” vertelt Hubert, die zelf veel werkt aan kleine opleidingen zoals Betonreparateur en de verschillende profielen Dakdekker. “Maar groot of klein – onderwijs en bedrijfsleven zijn altijd goed vertegenwoordigd. Zo toetsen we: Klopt het nog? Moet er iets anders?”
Tijdens de sessies komt soms naar voren dat onderdelen uit het kwalificatiedossier in de praktijk niet haalbaar zijn. Hubert geeft een voorbeeld: “Studenten betonreparatie moeten bijvoorbeeld droogspuiten beheersen, maar dat gebeurt in de praktijk alleen door specialistische bedrijven. Dan is het niet realistisch dat een student dit uitvoert. We kiezen er dan voor om de theorie te behandelen: de student moet wel kunnen uitleggen wat het is en waarom het gedaan wordt.”
Een ander voorbeeld: een allround vakman GWW moet een pomp plaatsen voor bronbemaling, terwijl dit in de praktijk door een specialistisch bedrijf wordt gedaan. Ook hier geldt: theoretische kennis is essentieel, zodat de student begrijpt wat het is en wat hij moet doen als hij er in de praktijk mee te maken krijgt. Zo blijven examens realistisch én rechtvaardig.
Constructie en validatie
Zodra het examenaanbod is vastgesteld en gevalideerd, gaat een constructiegroep aan de slag. Deze bestaat uit een toetsdeskundig constructeur en inhoudsdeskundigen. De ontwikkelde examens worden vervolgens beoordeeld door twee commissies: de Vakinhoudelijke Beoordelingscommissie (VIBC) en de ToetsTechnische Beoordelingscommissie (TTBC).
De VIBC kijkt op vakinhoudelijke juistheid en de TTBC kijkt na of de examens toetskundig goed in elkaar zitten. Later dit jaar plaatsen we het artikel, waarin je meer leest over de rol van de VIBC in het kwaliteitsproces. Hierna beoordeelt de valideringscommissie of het hele proces van constructie en vaststelling op een deugdelijke manier is verlopen. Pas na een positieve beoordeling worden de examens gevalideerd en daarna gepubliceerd.
“Onderwijs en bedrijfsleven zijn altijd goed vertegenwoordigd.”
Creatieve bemiddelaar
Zowel de werkveldsessies als de examencommissies bestaan uit een breed samengesteld team van leerbedrijven, mensen uit de praktijk en docenten. Hubert: “Iedereen brengt zijn eigen perspectief in, en juist die diversiteit zorgt voor kwaliteit. Ik vind het fantastisch om met verschillende mensen tot één krachtig product te komen. Ik noem mezelf weleens een creatieve bemiddelaar.
”Tot slot zegt hij: “In de bouw zijn mensen zó enthousiast over hun vak. Voordat ik bij Concreet kwam, had ik weinig ervaring in de gespecialiseerde aannemerij, maar ik werd meteen meegenomen. Mensen leggen dingen uit, nemen je mee. Ik kan inmiddels theoretisch heel aardig betonrepareren,” zegt Hubert lachend.
“MBO-studenten zijn ontzettend harde werkers. Het is geweldig om daar goed onderwijs voor te maken. Iedereen wil meewerken. Daar krijg je energie van.”
ROUTE NAAR VALIDE EXAMENS
Scholen kiezen voor gevalideerde examens van Concreet, waarmee studenten een waardevol diploma behalen — deze infographic toont het proces erachter.
Meer lezen?
Je hebt een artikel gelezen uit ons relatiemagazine 80A. Wil je op de hoogte blijven van ontwikkelingen binnen onze organisatie en de samenwerking met het onderwijs en de Bouw en Infra. Alle artikelen vind je hier.
Wil je het magazine thuis ontvangen? Klik van op onderstaande button.